ProGay: Cameratoezicht in de Reguliersdwarsstraat. Goed idee, mits.

Het moet een machtig gevoel geven: voor het eind van 2010 zit er een Amsterdamse politiebeambte die via ruim tweehonderd ogen het hele centrum in de gaten houdt. Het doet denken aan het panopticum-concept van de Britse filosoof Jeremy Bentham (1748-1832), maar waar deze het bedacht voor de ideale gevangenis, wil Amsterdam er juist de vrije burger mee beschermen.

 

De overeenkomst ligt in de preventieve werking. Bentham ging ervan uit dat het besef te worden geobserveerd de gevangenen rustig hield; de camera’s in uitgaansgebieden moeten geweld voorkomen. Tijdens de ‘hete uren’, zo vermeldt de gemeente in een persbericht, worden de camerabeelden live bekeken, opdat direct kan worden ingegrepen.

Cameratoezicht

Op dit moment hangen in de stad al 192 camera’s. Donderdag maakte de gemeente Amsterdam bekend ook cameratoezicht in te voeren in de Reguliersdwarsstraat en de Leidsestraat, vooral om geweld tegen homo’s tegen te gaan in dit nationale hart van het gay-uitgaansleven.

Horecatycoon Sjoerd Kooistra, eigenaar van vele homobars en -disco’s bij het Rembrandtplein, pleitte twee jaar geleden al voor veiligheidscamera’s, omdat hij merkte dat zijn klandizie te lijden had onder de vele geweldsincidenten. Maar ook verschillende homo-organisaties in de stad braken in het voorjaar een lans voor cameraobservatie.

Visienota

‘We hebben hier nadrukkelijk om gevraagd’, zegt Frank van Dalen, voorzitter van ProGay en auteur van de visienota Gedeelde toekomst, homobelang is heterobelang. ‘Aan de ene kant om snel te kunnen ingrijpen bij zware geweldplegingen. Maar vooral ook om de intimidatie en provocaties die hieraan vaak voorafgaan vast te leggen.’

Verreweg de meeste homo’s zien in cameratoezicht de voordelen van preventie en opsporing, weet Van Dalen. ‘De meeste homo’s die in dit gebied komen stappen, zijn zeer zelfbewust.’

Maar er is een groep die juist moeite heeft met cameratoezicht. ‘Denk aan homo’s uit de etnische groepen van wie niemand het nog mag weten. Zo iemand heeft misschien een broer bij de politie werken. Dus van groot belang is dat de gemeente duidelijk maakt wie precies toegang heeft tot de beelden, en hoe lang ze worden bewaard. Dat het geen YouTube-filmpjes zijn.’

 

bron: Volkskrant, 17 juli 2009